Ook stotteraars hebben recht van spreken (opiniestuk in Trouw, 19 oktober 2023)

Published in the Dutch newspaper Trouw, 19 October 2023

Eén procent van de bevolking komt ook met therapie niet van het stotteren af. Zij leren daarmee leven, maar werkgevers blijven hen erop afrekenen. Dat is discriminatie, betoogt Steven de Jong.

Het is onaanvaardbaar dat er van mensen die stotteren nog steeds verwacht of zelfs geëist wordt dat ze vloeiender leren spreken, klonk het vorig jaar in een verklaring van tientallen stotterverenigingen wereldwijd. In hun Declaration of the Right to Stutter vroegen zij op Wereldstotterdag (22 oktober) aandacht voor de ervaring dat zij compleet vergeten worden in de roep om diversiteit en inclusie.

Die verklaring raakte mij. Als hevige stotteraar kon ik meestal mijn weg vinden, maar zodra het serieus werd (studieadviezen, sollicitaties, functioneringsgesprekken) werd mij ingewreven toch echt wat aan het stotteren te doen. Zodra er weer een ‘wondermethode’ in het nieuws was, voelde Jan en alleman zich geroepen mij deze met klem te adviseren. Ik liet mij duizenden euro’s uit de zak kloppen door therapeuten, logopedisten en coaches. Ik deed er alles aan om ervanaf te komen. Niets hielp.

De laatste jaren laat ik die norm van vloeiendheid voor wat het is. Ik geef aan dat ik prima kan leven én werken met stotteren, en dat het zou helpen als dat geaccepteerd wordt. “Haha, ja dat zou pas emancipatie zijn, een stotterende journalist”, reageerde een collega bij de kwaliteitskrant waar ik zwijgend artikelen redigeerde. Alsof ik een grap maakte… Terwijl het in redactievergaderingen voortdurend ging over diversiteit en inclusie, werd ik in spraakarme functies geïsoleerd. “Blijf werken aan je spraakhandicap”, noteerde mijn chef streng. De hoofdredactie: “Vanwege je stotteren heb je hier maar een beperkte ontwikkelingsmogelijkheid.” Ik besloot daarom maar in eigen tijd interviews af te nemen. Kwam ik terug met de kopij, dan werd er steevast gevraagd hoe ik dat toch had gedaan: per mail? Nee, gewoon sprekend, zei ik dan, zoals ik nu ook doe. Ongelovig gaapten ze mij dan aan.

Wat mij overkwam, staat niet op zichzelf. Stichting Support Stotteren ontving deze melding: “Mijn manager wilde alleen mijn contract verlengen als ik vloeiender ging spreken. Een harde eis. Ik werd daar nog onzekerder van. Wel ging ik toen maar weer een nieuwe therapie volgen.” Wat zegt de wetenschap? 5-17 procent van de mensen die nu leven stotterde ooit. Herstel vindt meestal plaats vóór het zevende jaar. Stotterende kinderen groeien er, ook zonder hulp, meestal overheen. Herstel bij pubers en volwassenen kan, maar is vrij zeldzaam. Eén procent van de bevolking blijft stotteren.

Onlangs vroeg ik namens de stichting een aantal werkgevers of hun vacature openstaat voor stotterende sollicitanten. “Bij ons heb je ruim duizend klanten per dag”, mailde een Shell-station in Niebert. “Iedereen wordt een-op-een geholpen. Afhandelingstijd is zo’n 34 seconden per klant. Het is de hele dag praten. Natuurlijk heb ik geen moeite met mensen die matig stotteren. Grote vraag is wel ‘in welke mate’ dat is en of zij de verwachte tijd gaan halen. Dit om rijen bij de kassa te voorkomen.”

Shell is geen uitzondering. Bij KPN mogen ‘mensen zoals ik’ niet in de winkel stotteren, maar wel zwijgend kabels trekken. De rechtbank Leeuwarden heeft liever geen stotterende griffier, “want na de zitting neem je actief deel aan het raadkameroverleg”. We sluiten niemand op voorhand uit, verzekert de rechtbank nog, grondwetsartikel 1 indachtig, “maar besef wel dat een griffier ook veel mondeling doet”. De vraag ‘Wat heb jij nodig om in zo’n situatie goed te kunnen communiceren?’ bleef uit. Leerling keukenmonteur dan? Een UWV-medewerker die voor deze vacature bemiddelt: “In deze functie heb je veel direct contact met mensen. Beetje stotteren zal geen probleem zijn. Heftig stotteren wel.” Telefonisch lichtte hij toe: “Zonder rijbewijs maak je ook geen kans als chauffeur.”
Vorig jaar pleitte de stottergemeenschap voor ‘het recht om te stotteren’. Een recht dat eigenlijk al lang verankerd was (VN-verdrag Handicap). Nu in 2023 wordt het tijd dat recht eens te handhaven. Tegen iemand die doof is, zeg je ook niet ‘blijf werken aan je gehoor’. Doet een werkgever dat bij stotterende mensen wel, laat de rechter er dan naar kijken (maar dan niet die in Leeuwarden).

Steven de Jong is zelfstandig redacteur. Samen met Stichting Support Stotteren en Start Foundation toetste hij werkgevers op stottervriendelijkheid. Meer hierover op stotterverhalen.stevenschrijft.nl.

Contact opnemen naar aanleiding van deze publicatie? Stuur een mail naar dejongsteven@gmail.com