‘Verklaring voor het recht om te stotteren’

Het is onaanvaardbaar dat er van mensen die stotteren nog steeds verwacht of zelfs geëist wordt dat ze vloeiender leren spreken, betogen 68 stotterverenigingen in een ‘Declaration of the Right to Stutter’. Het internationale gezelschap vraagt op Wereldstotterdag, zaterdag 22 oktober, aandacht voor hun ervaring dat zij compleet vergeten worden in het beleid voor diversiteit en inclusie.

“Wij stotteren. Zo spreken wij nu eenmaal.” Met deze stelling benadrukt het collectief dat het slechts weinigen gegeven is om stotteren te ‘overwinnen’. Mensen die chronisch stotteren volgen vaak jaren therapie zonder er vloeiender van te worden. Zij moeten zich hun leven lang tegenover docenten, werkgevers en willekeurige anderen verantwoorden voor het feit dat ze ‘nog steeds stotteren’. Slechtzienden en slechthorenden hoeven zich niet in die mate te excuseren, waarom slechtsprekenden dan wel? Dat is de onvrede die schuilgaat achter deze unieke verklaring.

Onterecht gezien als ‘verwijtbare’ handicap
Stotteren wordt vaak gezien als een ‘verwijtbare’ handicap, merkt de Nederlandse stotter- en broddelvereniging Demosthenes op. Een voorbeeld van een lid: “Mijn manager wilde alleen mijn contract verlengen als ik vloeiender zou gaan spreken. Dat was een harde eis. Ik werd daar nog onzekerder van. Wel ben ik toen maar weer een nieuwe therapie gaan volgen.” Precies daar zit het wijdverbreide misverstand, veroorzaakt door ‘showtherapieën’ die in een klinische omgeving een stotterende cliënt middels een kunstje even vloeiend laten spreken. Vervolgens zegt de showtherapeut: ‘Zie je wel dat je het kan, nou succes daarbuiten!’ Daarbuiten wordt het leven dan zwaarder dan ooit, omdat stotteren niet meer mag.

Stottertherapie is dus absoluut geen garantie voor blijvende stotterreductie. Sommige methoden halen iemands leven helemaal overhoop met als resultaat dat diegene daarna nog meer stottert, bijvoorbeeld omdat stotteren dan een taboe voor diegene zelf wordt. Stottertherapeuten die zich verzoend hebben met deze realiteit richten zich tegenwoordig niet zozeer op vloeiendheid als wel op zelfacceptatie – neveneffect kan zijn dat het stotteren minder krampachtig wordt, maar dat mag geen doel op zich zijn. Een betere kwaliteit van leven is wel een haalbaar doel, bijvoorbeeld door ook te sleutelen aan de (werk)omgeving. Vloeiendheid in het dagelijks leven is zodoende niet af te dwingen, al helemaal niet door een werkgever in een functioneringsgesprek. Zo’n dwingende aansporing werkt juist averechts en toont vooral aan dat de werkgever zelf geen enkele verantwoordelijkheid neemt voor een inclusieve werkvloer.

Een ander Demosthenes-lid liep tegen een muur van onbegrip op bij een accountantskantoor. Al bij het eerste telefoontje meldde het afdelingshoofd dat “het moeilijk wordt om jou te plaatsen”. Ja, misschien ergens achter de schermen, daar wilde hij wel naar kijken, “maar zeker geen klantcontact!” Weer een ander lid werd door een werkgever naar een concurrent doorverwezen: “Daar werkt ook iemand die stottert. In deze consultantfunctie zul je niet gelukkig worden.” Zelfs bij een organisatie die zich richt op werknemers met een beperking werd de functie van een stotterende beleidsmaker gemarginaliseerd: hij mocht alleen nog bureauwerk doen, geen werkbezoeken meer waarbij gesproken moest worden. Dat moest hij aan collega’s overlaten.

Grote delen arbeidsmarkt afgesloten
Vooral hevig stotterende werknemers internaliseren deze arbeidsdiscriminatie. Zij voelen niet meer de ruimte om te spreken zoals ze spreken en verkiezen dan onder druk spraakarme functies, waardoor ze op de werkvloer geïsoleerd raken en op den duur moegestreden en depressief uitvallen. Wie stottert krijgt vaak ongevraagd reality checks van mensen die niets van stotteren afweten, maar wel graag de discriminerende norm van vloeiendheid benadrukken. Je moet natuurlijk geen nieuwslezer willen worden, klinkt het dan. Vervolgens wordt zo iemand ook ontmoedigd om voor studies of beroepen te kiezen waarin zo nu en dan gesproken moet worden. Grote delen van de arbeidsmarkt worden zo voor hen afgesloten. Stel je een winkelstraat voor waar één voor één de rolluiken zakken. Zo voelt dat.

Het internationale stottercollectief luidt met de ‘Declaration of the Right to Stutter’ nu de noodklok. Op Wereldstotterdag wordt om “ruimte en respect” gevraagd. Ruimte om te mogen stotteren en respect voor degenen die wat langer over hun zinnen doen. In een stottervriendelijke omgeving, zo is de gedachte, kunnen mensen die stotteren wél volwaardig meedraaien. Een citaat uit de verklaring: “Organisaties die er prat op gaan gelijke kansen te bieden en een divers personeelsbeleid na te streven, moeten functies waarin gesproken wordt ook openstellen voor mensen die stotteren.”

Met andere woorden: waarom zou een hypotheekadviseur, een journalist, een verpleger, een huisarts, een conducteur of een advocaat niet mogen stotteren? “Laat het niet de vloeiendsprekenden zijn om in te vullen wat wel en niet kan”, aldus Demosthenes. “Degene die stottert weet zelf heel goed wat mogelijk is en moet ruimte en steun krijgen voor eigen oplossingen.”

VN-verdrag Handicap
Stichting Support Stotteren, afgesplitst van Demosthenes, heeft begrip voor de boodschap van de ‘Declaration of the Right to Stutter’. Toch besloot zij niet te ondertekenen. Het bestuur laat weten: “Er bestaat al een richtlijn die beter en krachtiger is: het VN-verdrag Handicap, waar stotteren reeds onder valt. Waarom zouden stotteraars met minder genoegen moeten nemen? Wij zijn voor het recht om te stotteren, maar erop tegen om ons af te zonderen van mensen met andere beperkingen en het wiel opnieuw uit te vinden.” Op 22 juni 2022 overhandigde ‘maatschappelijk ontwikkelaar’ Start Foundation een manifest ‘voor een gelijker speelveld op de arbeidsmarkt voor iedereen met een beperking’ aan minister Schouten (Armoedebeleid). Mede-initiatiefnemer was Stichting Support Stotteren. In het manifest werd de ervaring opgenomen van een stotterende vrouw, die haar bachelor psychologie had afgerond. “Zelfs voor mbo-baantjes werd ik niet aangenomen. Zo heb ik een maand bij een tankstation gewerkt. Na de proefmaand werd gezegd dat ik het verhaal over bomen planten ter compensatie van de CO2-uitstoot niet snel genoeg vertel aan klanten.”

Er zijn in Nederland 175.000 mensen die in meer of mindere mate stotteren. Wie als kind jaren achtereen stottert, zal waarschijnlijk blijven stotteren. En dat is niet erg, betoogt Demosthenes. “Wat wel erg is, is het sociale isolement waarin veel mensen die stotteren terechtkomen. De schaamte voor hun manier van spreken en de druk om ‘beter hun best’ te doen. Therapie kan helpen, maar dat moet een eigen keuze zijn. Het is een recht van mensen die stotteren om te spreken zoals ze spreken!”

Initiatiefnemer van de stotterverklaring is de internationale stottervereniging Stamily. Auteur van dit artikel: zelfstandig tekstschrijver (en stotteraar) Steven de Jong, te bereiken via dejongsteven@gmail.com.

Noot voor de redactie: op 22 oktober organiseert stottervereniging Demosthenes het zogeheten Stotterfestival. Het thema ‘Laat je zien, laat je horen’ sluit aan bij de ‘Declaration of the Right to Stutter’. Voor een toelichting op dit persbericht: 030-233 33 36 / info@demosthenes.nl.

Voor een toelichting van Stichting Support Stotteren: info@allesoverstotteren.nl.

Bericht aan media: graag alleen personen die stotteren aan het woord laten voor een toelichting op dit persbericht.

Brein achter dit initiatief is Jane Powell, de bestuursvoorzitter van de British Stammering Association. Om het proces – de internationale afstemming van de verklaring – in goede banen te leiden, kreeg zij hulp van het stotterplatform Stamily.org. Als persoon treden zij niet op de voorgrond in de presentatie van de verklaring. Dit vanwege het collectieve karakter ervan. Dit artikel is rechtenvrij: kopieer het, corrigeer het, zet je eigen naam eronder. Zie ook deze Engelstalige PDF-instructie voor verspreiding van het persbericht: https://stotterverhalen.stevenschrijft.nl/wp-content/uploads…

www.stotterfestival.nl (evenement in Utrecht op Wereldstotterdag)
stamily.org/declarationrighttostutter (verklaring in het Engels)
demosthenes.nl/verklaringrechtomtestotteren/ (vertaling naar het Nederlands)
www.isad.live (International Stuttering Awareness Day)
www.allesoverstotteren.nl (Stichting Support Stotteren)

Verklaring voor het recht om te stotteren (NEDERLANDSE VERSIE)
Wij, ondergetekenden, willen dat mensen die stotteren de vrijheid krijgen om te mogen stotteren. Het is niet redelijk om van ons te verwachten of zelfs te eisen dat we vloeiend gaan spreken. Wij stotteren. Zo spreken wij nu eenmaal.

Soms kan een therapie of hulpmiddel het stotteren verminderen, maar bij de meesten van ons heeft dat geen duurzaam effect. Het is aan ons – en aan niemand anders – om onze weg hierin te vinden.

Hoewel de roep om diversiteit en inclusie steeds luider klinkt, voelen wij ons daarin niet of nauwelijks meegenomen. Op het werk, in het onderwijs en in de alledaagse dienstverlening is er eigenlijk geen aandacht voor ons, laat staan dat we ondersteuning krijgen. We voelen continu de maatschappelijke druk om ons stotteren te ‘overwinnen’. Als individu kunnen we dat doel inderdaad nastreven, maar als stottergemeenschap verwerpen wij het idee dat wij moeten stoppen met stotteren.

Organisaties die claimen inclusief te zijn en gelijke kansen te bieden, kunnen mensen die stotteren niet aan hun lot overlaten. Onze stem doet er ook toe, we verdienen net als ieder ander ruimte en respect. Het is ons recht om te spreken zoals wij spreken.

Declaration of the Right to Stutter (ENGELSE, ORIGINELE VERSIE)
We, the undersigned, declare that people who stutter should be accepted as having a stutter. We may, or may not, choose to find support to sound fluent or stutter less. That is our right.

It is not reasonable to expect or insist that we sound fluent. We stutter. That is how we talk.

In this time of diversity, adjustments are too often not given to those who stutter, be it at work, education or using everyday services. The expectation is rather that we should strive to ‘overcome’ our stutter and speak differently. As individuals we may wish, and even try, to do so. But as a community we refute the idea that we all stop stuttering.

No organization can claim to value equality or diversity unless stuttering voices are permitted and valued. We call upon every organization and institution to work with people who stutter to make sure that all of us are given the respect every person deserves; and that space is made for us.

It is our right to speak as we do.

Lijst ondertekenaars: https://stamily.org/declarationrighttostutter/